Afscheid en de hoop op een toekomst van verzet

Afscheid en de hoop op een toekomst van verze

Kif Kif ontstond in een tijdsgewricht waar alles opeens heel snel ging. De ‘nieuwe wereldorde’ was een codewoord voor neoliberalisme en afbouw van de democratie. De andersglobalisten-beweging organiseerde wereldwijd verzet.

Een decennium terug, bijna dag op dag, begon ik aan mijn eerste officiële werkdag bij Kif Kif. Saddie Choua en mezelf werden aangeworven om ‘De eerste interculturele radio’ op te starten. Ik was toen al een jaar actief als vrijwilliger en bestuurslid bij de organisatie. Nu eindigt deze boeiende trip. Vanaf maart ga ik een nieuwe uitdaging aan bij de Universiteit van Tilburg. Een nieuw veld, het academische, maar met dezelfde passie, gedrevenheid en goesting ga ik er voor. De voorbije tien jaar verdienen echter wel een kleine terugblik én vooral een blik op de toekomst.

Een terugblik

In 2005 was Kif Kif een kleine organisatie, althans in termen van middelen. Ook toen al had ze een grote stem en werd ze gedragen door tientallen enthousiaste vrijwilligers, meer nog de organisatie draaide tot dan nagenoeg enkel op vrijwilligers. Een team van enthousiaste jonge dames en heren droomden ervan om Kif Kif uit te bouwen tot een vaste waarde in het intercultureel landschap. Kif Kif moest een platform worden om andere stemmen te laten horen in het maatschappelijk debat. Tarik Fraihi was het gezicht van de organisatie. Er waren reeds workshops literatuur opgezet, de interculturele kunstwedstrijd Kleur de Kunst haalde de kranten en ook toen al waren er acties. Zo werd ooit de site van Blood & Honour offline gehaald door Telenet als gevolg van een mailactie van Kif Kif naar de host en naar de bevoegde minister. Kif Kif was toen al een verzamelplaats van opiniestukken, interviews en reportages over diversiteit in de samenleving. De nieuwe uitdaging was dubbel: Radio Kif Kif uit de grond stampen en Kif Kif mediawatch opzetten.

Kif Kif ontstond in een tijdsgewricht waar alles opeens heel snel ging. De ‘nieuwe wereldorde’ was een codewoord voor neoliberalisme en afbouw van de democratie. De andersglobalisten-beweging organiseerde wereldwijd verzet.  9/11 zette de wereld op zijn kop. Het internet begon op kruissnelheid te komen en het anti-moslimracisme vierde hoogtij. De aanslagen in London en Madrid volgden, net zoals de moord op Theo van Gogh. De hoofddoekendiscussie laaide terug op, racisme en uitsluiting namen toe. Het Vlaams Blok rijgde de verkiezingsoverwinningen aan elkaar. Vlaanderen leerde Dyab Abou Jah Jah en de AEL kennen. Een nieuwe generatie stond op en eiste haar plaats op als burger.

Heel wat jongeren waren klaar om hun stem te laten horen. Het was een tijd van doorbijten en doorgaan: weinig middelen, maar veel enthousiasme en passie. Op het eind van het jaar was er niet alleen een digitale radio, er waren ook mediawatch workshops geweest en belangrijker nog: Kif Kif diende een erkenningsdossier in als beweging. En met succes, vanaf 2006 was Kif Kif een officiële beweging en dat liet zich meteen voelen: er kwamen interculturele jobbeurzen, de Kif Kif Awards, mediawatch-boeken, … Kif Kif werd groter en bereikte steeds meer mensen.

De maatschappelijke en politieke context waarin kif Kif groot werd was minder rooskleurig. Het eerste decennium van de 21steeeuw was gekenmerkt door een grote verschuiving naar rechts. De markt werd niet meer in vraag gesteld en ook aan de linkerzijde begon het anti-islam-discours door te sijpelen. Progressieve BV’s als Jan Leyers bekenden zich als uiterst kritisch voor de islam. Leyers zag in moslims een andere ‘culturele software’ werkzaam die haaks staat op democratie en vrije meningsuiting. De Van Rooy’s gingen nog door het leven onder een linkse dekmantel en konden zo een deel van links meesleuren in hun anti-islam-discours. Politici aan de linkerzijde moesten flinks zijn, ook als het op moslims aankwam. Patrick Jansens wou af van het etiket ‘allochtonenpartij’ en voerde in naam van de neutraliteit een hoofddoekenverbod door. Lukas Vander Taelen liet vanuit Groen de anti-islam-stem weerklinken. De andersglobalisten waren stil geworden en de AEL was  volkomen gedemoniseerd.

Ondanks deze maatschappelijke en politiek malaise hebben we met Kif Kif veel bereikt. Verschillende stemmen in het huidige maatschappelijk debat zijn ooit langs Kif Kif gepasseerd. En ik hoop dat Kif Kif op zijn minst bijgedragen heeft tot de politieke bewustwording van vele stemmen en gefungeerd heeft als een springplank of netwerk voor anderen. Sinds 2009 heb ik het voorrecht gehad om coördinator te mogen zijn van deze organisatie. En ik ben best trots op wat we samen bereikt hebben. We hebben misschien de wereld niet veranderd en ook de verrechtsing hebben we niet tegengegaan, maar we hebben wel veel mensen bereikt. We hebben gevochten als leeuwen.

Ongeveer 150 vrijwilligers werken mee aan dit project en gemiddeld bezoeken meer dan 1700 mensen dagelijks onze website. Jaarlijks volgen tientallen mensen onze workshops. Op ‘topdagen’ halen we 10 000 bezoekers en onze artikels worden makkelijk 10 000 keer gelezen. Zelfs e-boeken halen 15 000 downloads. Jaarlijks figureren we tientallen keren in de mainstream media en we worden aangehaald in scripties en papers. De organisatie heeft bijgedragen tot de veroordelingen van Adecco, heeft praktijktesten opgezet en vooral heeft honderden mensen een stem gegeven. Kif Kif is vandaag een organisatie die er staat. En belangrijker, ze is een platform voor tientallen nieuwe stemmen.

Uiteraard was en is niet alles perfect. Uiteraard zijn er fouten gemaakt en hebben we kansen niet gegrepen. Dat is evident, maar belangrijker is dat een idee van enkele enthousiastelingen vandaag een stevige organisatie is. Een organisatie die vele jonge en mindere jonge mensen een stem geeft en introduceert in het maatschappelijk debat. Ik ben blij dat ik daar een steentje heb kunnen toe bijdragen.

Een toekomst van verzet

Met mijn vertrek als coördinator verdwijnt ook de oude generatie uit het personeelsbestand. De gedrevenheid verdwijnt echter niet. Sukran Bulut zal de rol van coördinator met verve opnemen. Daar ben ik zeker van. Samen met Tinne Kennis en een nieuwe kracht zullen zij Kif Kif verder uitbouwen tot een invloedrijk instrument voor nieuwe stemmen. Samen met de nieuwe voorzitter Joachim Ben Yakoub komt de nieuwe generatie KifKiffers aan het roer te staan en dat is goed. Het is gezond dat een organisatie verdergaat en het is een teken van blakende gezondheid dat de vernieuwing komt van binnen de organisatie zelf.

De nieuwe generatie Kifkiffers zitten klaar en zullen de organisatie naar haar twintigste verjaardag leiden. En dat niet in dienst van de organisatie zelf, maar in dienst van een idee: een democratische samenleving waarin eenieder gelijke rechten heeft, waar eenieder daadwerkelijk een goed leven kan uitbouwen. In deze tijden van superdiversiteit en globalisering is de strijd voor gelijkheid en racisme absoluut niet voorbij gestreefd, helaas. Meer dan ooit is het nodig om nieuwe stemmen aan bod te laten komen, om racisme te bestrijden en stereotype beeldvorming te ontkrachten.

Onze samenleving en bij uitbreiding Europa en de gehele wereld zijn terug in beweging. We hebben vandaag de meest rechtse regering in decennia, een regering die vandaag al lang niet meer wegsteekt dat ze opkomt voor een autochtone elite. We zien een gestage afbouw van de welvaartstaat en een halsstarrige weigering om racisme te bekampen. Para’s duiken op in het straatbeeld en de islam zit in het vizier. In Duitsland en ook in andere delen van Europa betogen tienduizenden om de zoveel tijd tegen ‘de islamisering’ en die beweging lijkt ook voet aan de grond te krijgen in ons land. In het Midden-Oosten rukt IS op en ook in Afrika zien we de opmars van reactionaire en moorddadige milities en groeperingen. ‘De economie’ vernietigt in razend tempo de wereld waarin we leven. De economische en financiële crisis vernietigt de toekomst van velen.

De analyse is pessimistisch, de situatie ernstig. Maar er is ook hoop. Wereldwijd zien we tegenbewegingen ontstaan. Na de economische crisis van 2008 zagen we de wereldwijde Occupy-beweging. De Arabische revoluties hebben ons getoond dat democratie leeft onder de bevolking, ondanks het feit dat er vandaag vaak terug reactionaire krachten aan de macht zijn. Syriza verzet zich in Griekenland tegen de desastreuze overname van hun land en bouwt een tegenmacht. Links is aan de macht in Griekenland. En de bevolking organiseert solidariteit met elkaar: bouwt een eigen sociale zekerheid op, voedselbedeling, … In Spanje groeit Podemos uit de indignado-beweging en ook daar gaat links vooruit. In eigen land hebben de vakbonden hun strijdvaardigheid terug gevonden en zetten eind 2014 de grootste betoging op van de laatste decennia. HartbovenHard heeft een onverwachte mobilisatiekracht en zet in op een andere samenleving. Ze heeft niet alleen aandacht voor het economische, maar ook voor cultuur, diversiteit, ecologie, financieel beleid, … Ook op het antiracistisch front is er terug beweging, zo is Mouvement X opgestaan en werd er eind 2014 een grote conferentie opgezet rond de strijd tegen islamofobie.

De nieuwe generatie

Terug zien we een klimaat van politisering en van verzet. Wereldwijd geloven mensen dat het anders kan, ze wijzen het neoliberale dictaat af. Ze verzetten zich tegen uitsluiting en discriminatie en gaan voor een echte democratie: een democratie gestoeld op gelijkheid en vrijheid, op universele rechten en op solidariteit tussen alle mensen. Vanuit die optiek is het klimaat gunstiger en zijn er dus meer bondgenoten voor verzet. Kif Kif zit als beweging voor gelijkheid en tegen racisme onvermijdelijk tussen en in al deze bewegingen. De uitdaging voor de toekomst is om al deze strijden te verenigen en dus bij te dragen tot een verdieping en een verbreding van de democratie. Kif Kif moet, als je het mij vraagt, staan voor een systemisch, links en democratisch alternatief.

Kif Kif zoekt stafmedewerker & woodvoerder: http://www.kifkif.be/jobs/vacatures/kif-kif-zoekt-stafmedewerker-woordvoerder

Advertisements

Over helden en duivels. Een reactie op Paul Cliteur

Over Helden en Duivels.

05-09-2008 |
Share

 

Een reactie op het Knack–interview met filosoof Paul Cliteur Bron: Kif Kif Het huidige kader lijkt wel afkomstig van een tweederangs Hollywoodfilm, waarbij de held opkomt voor het goede: het slachtoffer en optreedt tegen het kwade: de vijand. 14/02/2006 – Ico Maly  

Paul Cliteur, de bekende Nederlandse rechtsfilosoof, VVD-lid en onder andere auteur van ”Tegen de Decadentie”, is bang. “(…) Je hebt helemaal geen AIVD-informatie nodig om te beseffen dat kritiek op de islam en heilige figuren als Mohammed en Allah een enorm veiligheidsrisico inhoudt.” Uit vrees voor zijn leven stelt hij zich afzijdig op ten aanzien van het publieke debat. Ook zijn schrijfstijl wordt voorzichtiger. De analyse van Cliteur is doordrongen van angst en bedreiging. “De Nederlandse bestuurlijke en politieke elite moet beseffen dat we te maken hebben met een nieuw soort terrorisme.”, proclameert hij.

De puinhopen van Nederland“Na de moord op Van Gogh zitten we met een volstrekt nieuwe situatie, die nog veel meer impact heeft en zal hebben dan de moord op Pim Fortuyn (…) Nu is iedereen met een mening vogelvrij”, zegt Cliteur tegen Knack. De aanslag heeft volgens hem een verpletterende invloed in Nederland. Cliteur hangt een beeld op van een ernstig verwonde Nederlandse democratie en staat. De illusie wordt gewekt dat de staat niet uitgerust is om dergelijke fenomenen aan te pakken. Het wettenarsenaal van de staat laat nochtans perfect toe de aanstichters van dergelijke schandelijke daden op te sporen, op te pakken, te berechten en te bestraffen . Toch lijkt het alsof Nederland helemaal rot is, of op zijn minst in een toestand van verregaande ontbinding verkeert: “Momenteel is het Nederlandse bestuursapparaat één grote chaos.(…)Het is een puinhoop”, is de conclusie van Cliteur.

De moord op Theo van Gogh wijst volgens hem op het falen van de staat, “Die zou het geweldsmonopolie moeten handhaven en als enige moeten kunnen aanwijzen welke feiten strafbaar zijn en die op een adequate manier bestraffen. Maar blijkbaar heeft de staat daar erg veel moeite mee en nemen sommige private personen en organisaties het recht in eigen handen”. Dit is toch wel eventjes kort door de bocht, erg kort voor een rechtsfilosoof. Betekent dit dan dat iedere persoon die het recht in eigen handen neemt, een bewijs is van het falen van de (rechts)staat? Zijn passionele moorden, roofmoorden of afrekeningen dan ook telkens symbolen voor een staat in crisis? Was de moord op Fortuyn dan ook een bewijs van het falen van de staat? Nee, antwoordt Cliteur op die laatste vraag: “Met Fortuyn kon je nog de indruk hebben dat het misschien een incident was, gepleegd door iemand zonder een gestructureerde organisatie achter zich, Fortuyn was een politieke nieuwkomer wiens lijst pijlsnel uitgroeide tot allicht de meest populaire in Nederland, misschien was hij wel premier geworden. Het was een samenloop van unieke omstandigheden waardoor je kon denken dat zoiets nooit meer zo voorvallen.”

Niet elke moord is dus een teken van het falen van de staat. Het is de moord op Van Gogh die volgens Cliteur een heel nieuwe situatie creëert in Nederland: “De nieuwe situatie waar we nu mee te maken hebben, is dat de staat het geweldsmonopolie niet kan handhaven en dat er private personen bestaan, onder wie Mohammed B. – verdachte van de moord op Theo van Gogh – maar waarschijnlijk nog veel meer mensen, die bereid zijn om geweld te gebruiken bij een godslasterdelict.” Het verschil tussen de moord op Fortuyn en die op Van Gogh is blijkbaar a. dat het om een godslasterdelict gaat en b. dat er waarschijnlijk nog veel meer mensen hiertoe bereid zouden zijn. Er is dus sprake van een grote georganiseerde en groeiende dreiging, een dreiging die er niet was bij de moord op Fortuyn.

In bovenstaand citaat wijst hij die dreiging niet expliciet toe aan “de moslims”. Impliciet doet hij dit echter wel: de combinatie van een moslimnaam met de concepten “mensen” en “godslasterdelict” suggereren wel degelijk een verband. Cliteur maakt het verband daarna ook expliciet: “In allerlei heilige teksten is godslastering doorgaans verboden en wordt het met de dood bestraft. In het christendom wordt dat maatschappelijk niet meer geaccepteerd, maar in de islam is dat blijkbaar anders.”   De duivels In de onderliggende analyse van Cliteur verliest de staat zijn geweldsmonopolie aan ‘de islam’, die in tegenstelling tot het christendom geen ‘verlichting’ meegemaakt heeft. Net hierdoor vormt deze een bedreiging niet alleen voor de staat maar ook voor de algemene veiligheid. Cliteur gaat er blijkbaar vanuit dat ‘de islam’ per definitie anti-westers en anti-democratisch is. Dit schept volgens hem een klimaat voor terrorisme, moord en haat. Hij weigert de enorme diversiteit aan stromingen binnen ‘de islam’ en de enorme waaier aan verschillende belevingswijzen en wereldbeelden die ‘moslims’ hebben, te onderkennen. Hij weigert in te zien dat de dader een uitzondering is in de marge van de samenleving en dat de grote meerderheid van de ‘moslims’, en ‘autochtonen’, dergelijke daden fel afkeuren. Dit kwam dan ook in Nederland en in België duidelijk tot uiting via de (weinige) ‘allochtone’ en interculturele middenveldorganisaties.

Hoewel hij het formeel ontkent, spreekt Cliteur over ‘de islam’ alsof het één monolithisch blok betreft, met allemaal identieke mensen en gedachten. Net deze generalisering zorgt ervoor dat Cliteur een enorme vijand, een enorme dreiging ontdekt. Het islamitische terrorisme zou in Nederland zulke proporties hebben aangenomen dat het de Nederlandse staat verlamt. Iedereen met een mening is een potentieel slachtoffer van de islam: “Want als je de ‘dorpsgek’ kunt liquideren omdat die iets kritisch over God en de islam schrijft, kun je toch iedereen nemen?”

Cliteur neemt het interpretatiekader dat de media ons nu al vier weken voorschotelen kritiekloos over. Hierin worden allerlei rollen ingeschreven – zoals dader, slachtoffer, held, slechterik – waarrond allerlei populaire associaties worden geweven. In dit ruwe en beperkende kader is de daad van Mohammed B. een aanslag op het vrije woord, de democratie en ’het Westen’ . Deze verwerpelijke daad wordt vervolgens gezien als het ultieme bewijs van de immense dreiging die zou uitgaan van ‘de islam’ in zijn geheel, en de moslimextremisten in het bijzonder. De vijand is geconstrueerd.

De held: Theo, het Westen en de democratie Niet alleen Theo van Gogh, maar heel Nederland is het slachtoffer. Theo van Gogh was volgens Cliteur immers, “iemand die geen politieke bedreiging vormde, die geen beweging achter zich had, maar die alleen de grenzen opzocht van de vrije meningsuiting die binnen de Nederlandse rechtsorde zijn toegestaan.” De boodschap is duidelijk: Theo van Gogh was blijkbaar een gewone mens, Jan modaal, het prototype van de gemiddelde Nederlander. Iemand die respect had voor de democratie, de rechtsorde en de vrije meningsuiting. Bijgevolg kan wat hem overkwam, iedereen overkomen: “Nu is iedereen met een mening vogelvrij.”

Van Goghs vele televisieoptredens, enorme populariteit en nauwe banden met de Nederlandse politiek indachtig lijkt dit beeld van hem op zijn minst eenzijdig te zijn. De omschrijving van Van Gogh en de gemiddelde Nederlander gaat duidelijk niet op: Van Gogh was immers een prominente stem in het publieke debat. Die stem was vaak uitermate beledigend, platvloers, racistisch en islamofoob. Dergelijke aspecten van Van Gogh worden met de mantel der liefde bedekt. Erger nog, zijn daden worden voorgesteld als zijnde een voorbeeld van vrije meningsuiting en democratie. Ook hier, over de doden niets dan goeds.

Het beeld van Theo van Gogh is bij Cliteur tweeledig. Enerzijds lijkt hij een weinig invloedrijke, naïeve ‘dorpsgek’, anderzijds wordt hij afgebeeld als een heroïsche voorvechter van het recht op vrije meningsuiting, en zelfs als een visionair: “Theo van Gogh zag een gevaar dat veel anderen niet zagen, iets wat door zijn liquidatie op een dramatische wijze werd bevestigd. Hij is daarin duidelijk visionair geweest.” Het pad is geëffend om van Van Gogh een volksheld te maken, een rolmodel voor alle Nederlanders. Eén slachtoffer? De slachtofferrol wordt dan toegewezen aan de democratie, de vrije meningsuiting, Nederland en het Westen. Items in verband met interculturaliteit fungeren voor vele politici als een Pavlov-stimulus. Telkens weer mogen we ons verwachten aan hetzelfde grijsgedraaide plaatje met als titel: dringende maatregelen noodzakelijk. En telkens weer richt dit zich op de ‘allochtone’ gemeenschap. ‘Zij’ worden en masse verantwoordelijk gesteld. De vele veroordelende reacties uit ‘allochtone’ hoek ten aanzien van de moord en de vele vragen naar deze ‘allochtone’ reacties vanuit ‘autochtone’ hoek getuigen hiervan. Zij suggereren dat ‘zij’ schuldig zijn totdat ‘zij’ hun onschuld bewijzen door zich openlijk te distantiëren. Van democratie en rechtstaat gesproken.

Dat waarschijnlijk ‘de moslims’ in Nederland het grootste slachtoffer zullen zijn van deze hele affaire, daar is nog weinig bij stilgestaan. De strenge afkeuring van deze daad door de meerderheid van de moslimgemeenschap wordt blijkbaar als irrelevant of onbetrouwbaar beschouwd. Het wordt door Cliteur in elk geval niet aangehaald in het hele interview. Het is voor hem een duidelijk zwart-witverhaal, een wij-zijverhaal. En hoewel iedereen gelijkwaardig is, volgens Cliteur is onze westerse maatschappij toch superieur: “Op basis daarvan zeg ik dat de westerse cultuur ‘beter’ is. Het Latijnse woord daarvoor is ‘superieur’. Ik weet wel dat die term associaties oproept met ‘Herrenvolk’ en ander negatieve zaken, maar het is wel zo.” Deze cultuur is echter in verval en dit is te wijten aan de vijand: ‘de islam’. Dergelijk discours zet de deur open voor angst en verdere polarisatie. De staat lijkt het slachtoffer van moord en bevindt zich in een enorme crisissituatie. Nederland lijkt een puinhoop te zijn. Dit beeld werkt ‘terrorisme’ in de hand door ze van een enorme slagkracht te voorzien. Een slagkracht die dergelijke daden in wezen niet hebben. De democratie en dus de hele samenleving is hiervan wel degelijk het slachtoffer. Maar dit is enkel te wijten aan de aard van de maatregelen en de communicatie van politici op basis van het gangbare interpretatiekader betreffende de moord. Het huidige kader lijkt wel afkomstig van een tweederangs Hollywoodfilm, waarbij de held opkomt voor het goede: het slachtoffer en optreedt tegen het kwade: de vijand. De wereld wordt opgedeeld in nette vakjes waarbij elk gevoel voor maat, nuance, context en evenwicht verloren gaat. Paul Cliteurs angstaanvallen zijn dan ook hoogst waarschijnlijk alleen hierdoor te verklaren: hij heeft teveel films bekeken, slechte bovendien.